Een Raamsdonks monumentje bleef behouden
Na een afwezigheid van enkele maanden staat het beeldje van Sint Bruno weer op z'n oude plaats in de Kartuizerpolder.
De beeltenis van de stichter der Kartuizerorde werd in 1984 gerestaureerd.
De hardstenen sokkel werd van z'n vervallen bakstenen bekleding ontdaan en rechtgezet. Een Raamsdonks monumentje bleef behouden door de inzet van de eigenaar - de familie de Bruijn - en de gemeente Raamsdonk.
Tot voor kort bood het geheel een wat troosteloze aanblik.
Zowel de eigenaar als de gemeente Raamsdonk waren van mening dat het eenvoudige maar karakteristieke monumentje niet verloren mocht gaan. Voor een advies benaderde men de Oosterhoutse beeldhouwer Niel Steenbergen. Deze was van oordeel dat het alleszins de moeite waard was het beeldje te herstellen. Wilde men het monumentje als geheel behoeden voor verder verval, dan diende het beeldje te worden gerestaureerd en het voetstuk een grondige opknapbeurt te krijgen. De familie De Bruijn en de gemeente Raamsdonk kwamen tot overeenstemming over de voorwaarden, waarop tot restauratie kon worden overgegaan. De gemeente zegde steun toe en was bereid een financiële bijdrage te leveren.
De restauratie van het beeldje werd uitgevoerd door de firma Glaudemans uit 's-Hertogenbosch. Het nog slechts gedeeltelijk aanwezige oorspronkelijke kopje, dat omstreeks 1924 met cementspecie was gerepareerd, werd verwijderd. Door middel van een koperen dook werd een geheel nieuw kopje , naar oorspronkelijk model, op de tors aangebracht. Als materiaal werd hardsteen uit de omgeving van de Ourthe (Belgische Ardennen) gebruikt, dezelfde steensoort als waarvan het beeldje bleek te zijn gemaakt. Het beeldje werd schoongemaakt waardoor de wat pokkige aanslag verdween maar wat ook tot gevolg had dat eerdere kleine herstellingen zichtbaar werden. Daardoor en door het nieuwe kopje staat het beeldje er voorlopig nog wat gekleurd bij.

Rondom de boerderij van de familie De Bruijn was ondertussen het een en ander veranderd. Omdat het bedrijf zich ging toeleggen op de intensieve veehouderij werd ter plaatse een loopstal gebouwd. Het erf, onderging een forse uitbreiding. Het monumentje dat tot dan toe in een weide stond, kwam door de aanleg van een toegangsweg aan de rand van die weide te staan.
De heer De Bruijn besloot de grond rondom het beeldje niet meer als weiland te gebruiken. Zo staat het monumentje nu op een eigen stukje grond, vrij toegankelijk voor de geïnteresseerde en, naar de heer De Bruijn mij toevertrouwde, welkome bezoeker. Gemeentewerken verzorgde de opknapbeurt van het voetstuk, bracht van "petit graniet" een stukje bestrating aan en zorgde voor enige beplanting rondom het monumentje. Ter bescherming van het parkje, tegen het inrijden van voertuigen, werden enige in de omgeving gevonden forse stukken natuursteen aangebracht. Een van deze brokken is vrij zeker afkomstig van het Kartuizerklooster, dat daar van 1336 tot 1572 heeft gestaan. De andere stukken zijn naar alle waarschijnlijkheid afkomstig van het huis "Chartroise". Dit huis werd in 1729 door Simon van Son daar ter plaatse gebouwd. "Chartroise" werd in 1878 gesloopt. Een vroeger op het erf liggende grafzerk kreeg een plaatsje in de nabijheid van het monumentje.
Hoewel veel van de tekst, door het jarenlang gebruik als stoep, is afgesleten kan men met moeite lezen:
"Hier leit begraven Jannyken Mwlwyck Bartouts ..... on starf int jair LVIII[1] ende joffrow Barbara van ....."
Al is er over de ouderdom en de herkomst van het beeldje niets met zekerheid bekend, zeker is dat het beeldje in de nog stille polder bij menigeen herinneringen zal blijven oproepen aan het klooster en z'n bewoners.
Bron, Digitalisering en Wiki opmaak: Terry van Erp

- ↑ Terry van Erp - In Romeinse cijfers staat LVIII voor het getal 58.
