Categorie:Bakker

Uit Wiki Raamsdonks Erfgoed

Geschiedenis

Bakker bakt brood in een oven, miniatuur in een 13e-eeuwse psalter, Openbare Bibliotheek Brugge
Bakker bakt brood in een oven, miniatuur in een 13e-eeuwse psalter, Openbare Bibliotheek Brugge

De geschiedenis van het brood gaat terug tot ongeveer 30.000 jaar geleden. Brood zou zijn ontstaan toen voor het eerst graankorrels werden gekneusd met een steen en gemengd met water, zodat er een soort pap ontstond. Deze pap werd gekookt, ingedikt en daarna in de zon gelegd of gebakken op stenen uit het vuur. Op veel plaatsen in de wereld wordt nog brood gemaakt dat hierop lijkt. Voorbeelden zijn de Mexicaanse tortilla, Indiase rotis en naan en pita uit het Midden-Oosten. Egypte wordt meestal aangeduid als de oorsprong van gerezen brood. [1] De eerste broden werden gemaakt door spontane fermentatie, net zoals bij het eerste bier. Het bewust gebruiken van zogenaamde 'starters', gist, zuurdesem of bier, kwam later.

Archeologisch is aangetoond dat brood ouder is dan de landbouw. [2] In het Noord-Jordaanse dorp Shubayqa 1 van de Natufiërs zijn vijftien broodkruimels aangetroffen van ongeveer een halve centimeter groot, met een koolstofdatering van 14.400–14.200 cal BP. Ze bevonden zich in een vuurput centraal in de basalten vloer van een halfondergronds huis. De structuur was die van gebakken, ongerezen brood.

Pas toen de kwaliteit van het graan het toeliet kon op grotere schaal in Europa brood worden gebakken. In de 12e eeuw werd brood de basis van het volksvoedsel. Naast het luxe brood, het wittebrood of herenbrood van wit tarwebloem, waren er broodsoorten waarin rogge verwerkt was. Arme mensen aten doorgaans brood of koek dat helemaal geen tarwe bevatte, maar rogge, haver, gierst of boekweit.

Bakker Arent Oostwaard en zijn vrouw Catharina Keizerswaard met allerlei verschillende soorten vers gebakken brood (broodjes, krakelingen, kadetten, duivekater) voor de bakkerij, 1658, Jan Steen, Rijksmuseum Amsterdam
Bakker Arent Oostwaard en zijn vrouw Catharina Keizerswaard met allerlei verschillende soorten vers gebakken brood (broodjes, krakelingen, kadetten, duivekater) voor de bakkerij, 1658, Jan Steen, Rijksmuseum Amsterdam

Tot in de 19e eeuw werd brood gemaakt met bierresten (waar gist in zat) of een 'starter' van meel en water. Zo'n meel-water mengsel liet men enige dagen rusten, zodat 'wilde' gisten zich konden nestelen in het mengsel. [3] Deze starters werden goed verzorgd; de kwaliteit van de starter was van belang voor de smaak van het brood. Met deze manier van brood bakken wordt een deel van de starter of bierrest bij het deeg gevoegd, net zoals gist gebruikt wordt.

In de middeleeuwen kwamen er bakkers in de Europese steden en in 1856 ontstond de eerste fabrieksbakkerij in Amsterdam. Deze broodfabriek kwam er op initiatief van Samuel Sarphati, een arts, hygiënist en sociaal bewogen persoon, in samenwerking met de Vereeniging voor Volksvlijt. Dit kon na de afschaffing in 1855 van de Wet op het gemaal, die de komst van grootschalige productie tegenhield. Met het ontstaan van broodfabrieken ging de prijs van brood aanzienlijk omlaag. Nadat ook in andere steden fabrieksbakkerijen waren opgezet, at mede hierdoor de Nederlander aan het einde van de 19e eeuw driemaal meer tarwebrood dan in het midden van die eeuw. In 1967 werd het door de invoering van de wet Wederverkoop van brood 1966 ook voor supermarkten economisch interessant om brood op te nemen in het assortiment.

In Nederland geeft de consument tegenwoordig in totaal ongeveer 2 miljard euro uit aan brood. De jaarlijkse broodconsumptie is gemiddeld ongeveer 49 kilogram per persoon.

Culturele en politieke betekenis

Christus in Eucharistie, 16e-eeuws schilderij
Christus in Eucharistie, 16e-eeuws schilderij

Het belang van brood gaat veel verder dan de voedingswaarde ervan. In veel culturen is brood een beeldspraak voor levensomstandigheden in het algemeen. Een broodwinner is degene die voor de inkomsten van het gezin zorgt. De Romeinse dichter Juvenalis spotte met de in zijn ogen oppervlakkige heersers en burgers die alleen oog hadden voor "panem et circenses" (brood en spelen). Bekend is ook de zin uit het gebed Onze Vader, "Geef ons heden ons dagelijks brood". De Bolsjewieken beloofden de Russen in 1917 "vrede, land en brood". In India worden de basisbehoeften aangeduid als "roti, kapra aur makan" (brood, kleren en huis).



In veel Slavische landen bestaat de gewoonte brood en zout aan gasten te geven of, zoals in Polen, als geschenk aan een bruidspaar.

Het belang van brood kwam vaak aan het licht tijdens maatschappelijke onrust. In de 19e eeuw speelde brood een grote rol in de Engelse debatten over de vraag of vrije handel dan wel protectionisme de voorkeur verdiende. Er zijn talloze opstanden geweest die als Broodoproer te boek staan, zoals in 1492 in Alkmaar, omstreeks 1845 in verschillende Nederlandse plaatsen, in 1977 in Caïro, waarbij 70 doden vielen, en in andere jaren en landen in Afrika en het Midden-Oosten. Telkens was er sprake van hongersnood en/of zeer hoge voedselprijzen. Brood is verder gebruikt als statussymbool: lange tijd was witbrood het brood voor de rijken.

Binnen verschillende religies is brood belangrijk. Voor veel christenen geldt brood als symbool voor het lichaam van Jezus, vooral tijdens de eucharistie (de ‘avondmaalsviering’ in de kerk). Joden hebben verschillende typen brood die verbonden zijn met hun religieuze eisen aan voedsel. Tijdens pesach eten ze ongerezen matses in plaats van gerezen brood.Bereiding

Brooddeeg

Het deeg dat als basis dient voor de broodbereiding bestaat ten minste uit meel en water waaraan een rijsmiddel – gist, bakpoeder/baksoda of zuurdesem – en meestal zout (zie onder) is toegevoegd. Daarnaast worden voor speciale soorten brood nog andere toevoegingen gedaan, zoals vet, melk, ei, suiker, vruchten, noten, zaden of specerijen.

Bakkers in Nederland maken onderscheid tussen groot brood (doorgaans 800 gram) en klein brood ('broodjes'). Groot gistbrood bevat naast meel, water en gist meestal bakkerszout, soms boter of margarine, ei, suiker en andere ingrediënten, de broodverbeteraars. Melkbrood bevat melk in plaats van water.

De ingrediënten worden ongeveer 5 minuten gemengd en vervolgens gekneed tot deeg. Dit deeg moet korte tijd rusten en bijna een uur rijzen (de voorrijs). Nadat het brooddeeg in een blik of op een plaat is gevormd, volgt de narijs van ruim een uur. Het brood wordt in een oven gebakken op een temperatuur van 200 tot 230°C, 35 minuten voor bruin en wittebrood, 45 minuten voor volkorenbrood. Als men de korst wil laten glanzen wordt het deeg met water bevochtigd.

Bij klein brood (broodjes) wordt een vergelijkbaar proces gevolgd. Soms is het gistpercentage hoger; bij groot brood 2,0-2,6 procent, bij kleinbrood 6-10 procent. Bij de bereiding van klein brood volgt na het mengen, kneden, afwegen en het vormen van de broodjes, een periode van rusten die 10-15 minuten duurt. De broodjes worden voordat ze op de bakplaat worden gelegd, vaak voor de kleur ingesmeerd met ei. De narijstijd en de baktemperatuur zijn gelijk aan die voor groot brood, de baktijd is 7-9 minuten.

Het belang van de rijstijden bij zowel de voor- als de narijs kan moeilijk worden overschat. Tijdens kneden en rijzen geeft het gluten stevigheid aan het deeg. Is de rijstijd te kort, dan breekt het gluten. Daardoor vermindert de samenhang van het deeg, hetgeen grote invloed heeft op de kwaliteit van het brood. Bij het gebruik van zuurdesem in plaats van gist zijn langere rijstijden nodig, vaak wel 6-8 uur voor de tweede rijs.

Een broodmachine is in staat om de hierboven beschreven stappen automatisch uit te voeren.

Zogeheten artisanaal brood betreft broden die worden verkregen zonder kneden in de bereiding.

Bron digitalisering en Wiki opmaak: Terry van Erp

  1. Harold McGee: Over eten en drinken, Bert Bakker, 1992
  2. Amaia Arranz-Otaegui e.a., Archaeobotanical evidence reveals the origins of bread 14,400 years ago in northeastern Jordan. & in: PNAS, juli 2018, DOI:10.1073/pnas.1801071115
  3. https://coquinaria.nl/gist-en-andere-rijsmiddelen/ Gist en andere rijsmiddelen