Interview met Anton Joore
De loep is in dit interview gericht op Anton Joore, hoogstwaarschijnlijk volgend seizoen uitkomend voor Veerse Boys, 39 jaar inmiddels, maar lichamelijk nog fit en daarnaast heeft hij een roemrijk verleden als betaald voetballer bij NAC en RKC achter de rug.
Anton Joore debuteerde op zijn zestiende in de selectie van Veerse Boys en we vragen aan hem: hoe was de overstap vanuit de jeugd naar het eerste elftal?
”Ja, dat kan ik me niet echt goed meer herinneren, waarschijnlijk was het spel sneller als in de jeugd, maar echte aanpassingsproblemen heb ik niet gekend. De begeleiding was in die tijd voortreffelijk en je moet nooit kijken naar de leeftijd, ben je in staat om mee te draaien dan moet je er gewoon voor gaan. Ikzelf werd meegenomen door mannen als Ad Weeland, Han Luijbregts en Joop Korebrits.
Daarnaast kom ik uit een echte Veerse Boys familie, dus iedereen kende me. Buitenstaanders hadden het in die tijd iets moeilijker, daar werd toch iets of wat sceptischer tegenaan gekeken”.
Toen kwam er snel interesse van NAC (later NAC Breda). Hoe ging dat in zijn werk?
”Kees Kuijs had me al op de hoogte gebracht en wat later hoorde ik dat ze een paar keer op bezoek waren geweest, tijdens enkele wedstrijden uiteraard. Ik mocht komen en die kans heb ik met beide handen aangegrepen. Het was een soort jeugddroom. NAC was in die tijd de meest aansprekende club in deze regio. Ik wilde al heel lang betaald voetballer worden, ook al was het dat jaar maar op amateurbasis, ik moest en zou slagen! Het eerste jaar bij NAC kon ik bijna niet met de selectie meetrainen, want ik was dienstplichtig en zat gestationeerd in Duitsland. Ik speelde echter wel alle wedstrijden. Ik mocht blijven, maar opnieuw op amateurbasis en dat zag ik niet zitten.
Zodoende ben ik teruggegaan naar Veerse Boys, waar ik in de spits belandde”.
Je bent dus op veel plaatsen inzetbaar?
”Ik heb altijd gevoetbald met jongens die een of twee jaar ouder waren en ik was vroeger ook niet de grootste. Maar als je mentale weerbaarheid goed is dan kom je ver, dat heb ik in het betaald voetbal ondervonden”.
Na een seizoen Veerse Boys trok NAC opnieuw aan de bel, hoe ging dat?
”Ja, daar zag in beginsel niet naar uit, want bij Veerse Boys verliep het voor mij in eerste instantie moeizaam. Hans Muskens zette mij er zelfs naast. Kwaad dat ik was, hoe kon dat nu, bij NAC gespeeld en nu reserve. Maar Muskens had het goed gezien, dit was precies wat ik nodig had, die extra prikkel. Het tweede gedeelte ging weer voortreffelijk en zodoende kwam NAC weer opnieuw.
Ik kreeg een C-contract. Ik speelde in het tweede elftal, totdat Ad Krijnen geblesseerd raakte en ze aan mij vroegen of ik back wilde spelen. Ik was destijds spits, maar natuurlijk wilde ik wel als back acteren. Het had mij niets uitgemaakt op welke plaats ze me hadden weggezet, als ik maar mocht voetballen. Dat jaar heb ik nog aardig wat wedstrijden gespeeld. Daarna kwam Jo Jansen en die zette mij drie maanden reserve, maar later maakte ik opnieuw mijn opwachting als linksback. Maar toen Jack Beusenberg tijdens een competitiewedstrijd tegen Kees van Kooten in de problemen kwam, kreeg ik de opdracht om het van hem over te nemen, sindsdien ben ik op die plaats blijven staan”.
FOTO: anton%20joore-1-1232117441.jpg Anton Joore in duel met Wim Kieft, Ton van Eenenaam lijkt verslagen. Voor NAC herkennen we op de achtergrond Hans Heeren en daarachter loopt Jesper Olsen.
Je hebt tegen de beste spitsen van de wereld gespeeld, toch?
”Dat kun je wel stellen. Romario, Van Basten, Kieft, Geels, Houtman en Jan Peters (Feijenoord)”.
<tbody>
|
Met welke spits had je de meeste moeite? ”Ik heb altijd veel moeite gehad met Rob McDonald. Als ik op hem moest spelen, was het alsof de duvel ermee speelde. Hij had tegen mij altijd veel geluk, of ik had tegen hem altijd pech. Hij scoorde altijd tegen mij. Kopballen vanaf de rand van de zestien, of slappe schotjes die er in rolde. Nee, het leek wel alsof er een vloek op rustte als ik tegen hem speelde. Uiteraard ga je daarover nadenken, maar daarentegen heb ik driemaal tegen Romario gespeeld en wist hij maar éénmaal te scoren. Romario blijft mij van alle spitsen toch wel het meeste bij”. FOTO: mcdonald-r1-1232135940.jpg Rob McDonald een nachtmerrie voor Anton Joore. <tbody> </tbody>
”Conditioneel moet je uiteraard top zijn. De handelingssnelheid moet omhoog, sneller reageren. Maar daar groei je in. Waken moet je voor gemakzucht, maar dat geldt voor de hele groep. Je moet constant scherp blijven”.
”Bij het uittrappen van de keeper ga ik bijvoorbeeld niet vlak bij de spits staan, maar daar waar ik denk dat de bal gaat komen. Ik ga zo staan dat ik naar de bal toe kan. Als je als voorstopper rechtstandig omhoog moet met de spits ben je in het nadeel. Ik ga dus staan waar ik denk dat de bal gaat komen. Dat zie je na een of twee keer, aan de kracht waarmee de keeper trapt en daarnaast moet ik de bal van de grond af zien vertrekken. Als ik de bal van de grond af zie komen, weet ik waar die gaat vallen en dan sta ik ongeveer vijf tot tien meter achter de spits. Dat zijn maar een paar passen. Het heeft misschien ook te maken met intuïtie. Voetbal is een automatisme. Je hoeft er in principe niet eens over na te denken”. <tbody> </tbody>
”Ja, bij NAC kwam Bob Maaskant (nieuwe trainer) en die zag het niet echt in mij zitten, mede waarschijnlijk ook doordat ik hem een keer op zijn nummer had gezet en dat heeft me denk ik de kop gekost. Gelukkig kwam RKC (later RKC Waalwijk), anders had het misschien over geweest op mijn negenentwintigste”. <tbody></tbody>
<tbody> </tbody>
Nu ben je 39 jaar en je gaat weer voetballen bij Veerse Boys, hoe hou je dat vol? ”Of ik ga voetballen weet ik nog niet, maar lichamelijk is dat geen probleem. Ik moet het echter wel kunnen combineren met mijn werk en daarnaast is het voor mezelf nog de vraag of ik het nog wel wil. Als je ouder wordt, boet je altijd aan snelheid in. Er zijn namelijk vier punten belangrijk: snelheid, tactiek, techniek en inzicht. Als je er daar één van mist, is dat op zich nog geen ramp, je hebt nog een surplus van de andere drie. Van die drie moet je er minimaal twee bezitten. Ik zit op één lijn met Ad van Seeters, dus als ik in het veld zou staan, zou ik een verlengstuk van de trainer kunnen zijn”.
Anton Joore heeft volgens onze bronnen ook nog twee seizoenen bij WSC in Waalwijk gespeeld alvorens hij naar Veerse Boys kwam. Trainer worden, is dat iets voor jou? ”Voetbal is een automatisme. Dingen die voor mij normaal zijn, zijn voor anderen niet normaal. Ik heb in die twintig jaar betaald voetbal zoveel meegemaakt, allerlei vormen van tactiek e.d., maar het overbrengen op een groep dat is totaal iets anders, of ik dat wil, de toekomst zal het uitwijzen.
Terugkijkend op je carrière, waar heb je de beste herinneringen aan, RKC of NAC? ”Bij RKC, omdat we daar succes hadden. We behaalde resultaten, ik heb drie jaar nacompetitie gespeeld en ben gepromoveerd naar de Eredivisie en ook daarin ging het boven verwachting.
Hoe kijk je nu tegen Veerse Boys aan? ”Ik vind het jammer dat een plaats als Raamsdonksveer niet meer dan een derdeklasser kan voortbrengen. Zeker uit de jeugd moet men meer kunnen halen. Ad van Seeters gaat daar nu zijn steentje aan bijdragen. De jeugd is zo ontzettend belangrijk. Daar moet men veel aandacht aan besteden. Jammer is het te noemen dat je zo weinig oud-spelers van Veerse Boys rond de velden ziet. Waar zijn die? Dat soort mensen zouden daar moeten zitten. Dat moet een beleid zijn vanuit de vereniging.
Collegialiteit in het voetbal, hoe is het daarmee? ”Iedereen staat uiteindelijk voor zijn eigen brood, maar bij RKC was die toch heel goed te noemen. Iedereen kon goed met elkaar opschieten. Ik zit momenteel bij Oud-NAC, maar ik trek meer op met jongens van RKC, mede doordat ik daar de laatste periode van mijn actieve loopbaan in het betaald voetbal heb gespeeld.
Anton Joore heeft na dit interview niet al te lang meer bij Veerse Boys zijn kunsten vertoond, hij heeft zich al vrij snel op het trainerschap gestort.
Bewerkt interview uit: Tribune juni 1994. FOTO: joore-4-1232117954.jpg Hoe is het Anton Joore vergaan na de kortstondige terugkeer bij Veerse Boys? Anton Joore is voor zover wij kunnen achterhalen hoofdtrainer geweest bij de toenmalige tweedeklasser Dongen en later is hij assistent-trainer geworden bij ADO Den Haag. FOTO: anton%20joore-3-1232117789.jpg In 2005, het moet ongeveer half in het jaar zijn geweest verkaste hij naar Kazachstan (Sovjet-Unie) en werd hij hoofdtrainer van Kairat Almaty waarmee hij de bekerfinale won van FK Astana, waar Arno Pijpers, ook al een Nederlander, de leiding had. Met 3-1 trok de formatie van Anton Joore aan het langste eind. Zodoende werden dat jaar de twee hoofdprijzen verdeeld over de twee Nederlandse trainers, want Arno Pijpers won met FK Astana de titel. Medio augustus 2007 vertrekt hij naar FBK Kaunus in Litouwen, waar voorzitter Oegianskis de scepter zwaait. Deze vereniging staat bovenaan op het moment dat Anton Joore daar zijn intreden doet, maar heeft desondanks vier trainers in een seizoen ontslagen! Maar later wordt ontkend dat hij ontslag heeft gehad bij FBK Kaunus, ook door Anton Joore zelf. De berichten zijn dat hij een andere functie bij de club krijgt, hoofd-jeugdopleidingen, zo wordt gemeld. We schrijven dan oktober 2007. Of Anton Joore nu nog bij deze vereniging in dienst is, is momenteel niet bekend januari 2009
Bronnen, noten en/of referenties
Bron, Digitalisering en Wiki opmaak: Terry van Erp
|

